• Spruitkool

  • Spruitkool

Spruitkool werd rond 1500 voor het eerst geteeld in de omgeving van Brussel. In het Frans spreekt men daardoor nog steeds over 'Choux de Bruxelles', in het Engels over 'Brussels sprouts'.

De 'spruitjes' die we opeten zijn eigenlijk sterk ontwikkelde okselknoppen. Indien ze niet geplukt worden, ontwikkelen de blaadjes zich tot 'roosjes'

Vroeger bestonden er alleen zaadvaste rassen. Deze hebben een piramidale spruitzetting, d.w.z. dat de spruiten zich ontwikkelen van onder naar boven en in meerdere keren moeten geoogst worden.

Tegenwoordig worden echter bijna uitsluitend hybride rassen aangeplant (zeker in de beroepsteelt). Deze rassen hebben niet alleen uitstekende en uniforme spruitjes maar tevens een zogenaamde 'cilindrische spruitzetting'. Dit wil zeggen dat de spruiten aan de struik allemaal gelijktijdig afrijpen.

  • Spruitkool verlangt een ongestoorde en vlotte groei.
  • Alhoewel spruiten op de meeste grondsoorten goed groeien, zijn zandleem en lichte kleigrond het best geschikt.
  • Een goede bodemstructuur en waterhuishouding zijn noodzakelijk.
  • Zorg voor aanvang van uw teelt voor een goede basisbemesting en voldoende kalk, gebruik bij voorkeur organische meststoffen.
  • Plant uw koolplanten in volle zon en geef ze veel ruimte: plantafstand 60 x 60 cm. Indien je ze nog verder uit elkaar plant krijg je grovere spruiten, maar gaan ook de hybriderassen zich piramidaal ontwikkelen.
  • Halfweg de teelt, bij de spruitzetting kan u best nog wat extra bemesting toedienen.
  • Wees echter voorzichtig met stikstof, te veel stikstof geeft veel blad en losse spruiten.
  • Vermits de planten tot een meter hoog kunnen groeien kan je ze best onderaan aanaarden, hierdoor staan ze steviger.
  • Om een gelijkmatige afrijping te bekomen kan op het einde van de teelt de kop uit de plant worden genomen.
  • Verwijder losse spruiten zo snel mogelijk.
  • Oogsten doe je door de spruit tussen duim en wijsvinger te nemen en breek ze los aan de stam.
  • Wil je bij vorst spruiten oogsten, dan kan je best de koolplant bij de voet afsnijden en op een koele plaats laten ontdooien, pluk daarna de spruiten.

Kuisen van spruitjes: verwijder de buitenste blaadjes van de spruit tot hij felgroen is en snij het harde stukje van het stronkje. Door ze onderaan in te kerven zijn ze vlugger gaar.

Kook spruiten niet te lang, ze zijn het lekkerste als ze beetgaar zijn, nog een beetje knapperig.

Spruiten kunnen ongeveer één week bewaard worden in de koelkast. Van zodra ze gekuisd zijn kan je ze beter direct bereiden.

  • Koolvlieg: legt eitjes aan de voet en de larven tasten de hoofdwortel aan. Voorkom dit door een doek over de planten te leggen.
  • Rupsaantastingen.
  • Knolvoet: onregelmatige zwellingen aan de wortels waardoor de plant geen voedingsstoffen meer kan opnemen. Oorzaak is onvoldoende vruchtafwisseling of een te natte grond. Om aantasting te voorkomen is het noodzakelijk een goede vruchtafwisseling na te streven (1/4 jaar).