• Courgette

  • Courgette

De courgette is van oorsprong afkomstig uit Mexico en het zuiden van Amerika, van waaruit hij verspreidde over de hele wereld.
Aanvankelijk was de plant vooral in het zuiden van Europa populair, pas vrij recent worden courgettes ook in Noord-Europa meer en meer gebruikt.

De courgette behoort tot de familie van de Cucurbitacea en is nauw verwant aan diverse andere, veel geteelde groenten zoals komkommer, pompoen, augurk en meloen.

De plant heeft grote, ruwe en diep ingesneden bladeren die stekelig behaard zijn.
De bladeren groeien dicht bij elkaar op een korte hoofdstengel (in tegenstelling tot pompoenen die een kruipende groeiwijze hebben).
Er bestaan tegenwoordig verschillende soorten in allerlei groottes, vormen en kleuren.

Courgetteplanten worden best eerst opgekweekt in een potje om nadien te worden uitgeplant.  Direct buiten zaaien geeft meestal geen goeie resultaten.
Om vlot te kiemen hebben courgettezaden een constante en hoge temperatuur nodig van minimum 20°C.
Geef zeker niet te veel water, anders gaan ze rotten.  Na opkomst kan de temperatuur worden afgebouwd.

Zelf zaad winnen is niet echt een aanrader. Courgettes zijn immers kruisbestuivers zodat het zeer moeilijk is om zelf raszuiver zaad te winnen. De beste soorten zijn bovendien hybridesoorten, die niet zaadvast zijn.

Zeker vroeg op het seizoen kan je best kiezen om kwaliteitsplanten aan te kopen zodat je zeker bent van een goeie start van je teelt.

Courgettes zijn relatief makkelijk te kweken.

 

  • Ze kunnen op alle grondsoorten worden geteeld, zolang ze maar over voldoende water kunnen beschikken.
  • Het zijn gulzige planten, voorzie daarom zeker een ruime organische voorraadbemesting (tijdens of net na de winter).
  • Plant bij voorkeur in volle zon, beschut van te felle wind.
  • Geef de plant voldoende ruimte: maximum 1 plant/m².
  • Courgettes zijn zeer vorstgevoelig.
  • In volle grond uitplanten gebeurt daarom bij voorkeur pas vanaf half mei.
  • Vroeger uitplanten kan wel, maar dan wordt er best afgedekt met folie, geteeld onder plastic tunnels of in een serre. 
    • Tip: courgettes kunnen, net als aardbeien, ook gekweekt worden op een (ietswat verhoogde) strook zwarte plasticfolie of anti-worteldoek. (of zoals vroeger: stro). Dit zorgt niet alleen voor een hogere bodemtemperatuur, maar tevens voor minder bevuilde en rotte vruchten.
  • Op een courgetteplant verschijnen 2 soorten bloemen:
    • De mannelijke bloemen, die meestal als eerste verschijnen, zitten op een steeltje en zorgen alleen voor het stuifmeel. Ze groeien niet uit tot vruchten.
    • De vrouwelijke bloemen beschikken over een vruchtbeginsel dat na de bestuiving uitgroeit tot een volwaardige vrucht.
  • Om een goede bestuiving te garanderen dienen minimum 2 planten naast elkaar worden aangeplant.

 

Oogst courgettes best jong, als ze zo'n 15-20 cm groot zijn. Niet alleen smaken de vruchten dan het beste, dit bevordert bovendien de vruchtzetting met een hoge opbrengst als gevolg.
Meer dan 30 vruchten oogsten per plant is dan ook geen uitzondering.

Laat je niet verrassen: courgettes kunnen tot meer dan 1 cm per dag groeien en zijn snel te groot.
Als je te lang wacht met oogsten heb je grote melige vruchten waar nauwelijks smaak in zit.
De vruchten worden best afgesneden met een mes. Laat daarbij steeds een steeltje aan de courgette, dit bevordert de bewaarbaarheid.

Een courgette bestaat voor het grootste deel uit water. Bewaar ze liefst bij een temperatuur van 10°C en een hoge luchtvochtigheid. Niet in de koelkast!

De planten zijn weinig vatbaar voor ziektes.
Het meest voorkomende probleem is witziekte -wit schimmelpluis op de bladeren- wat doorgaans optreedt vanaf half augustus.
Besmette bladeren kunnen eventueel worden weggenomen. Bij oude planten is het probleem moeilijk te bestrijden.

Wist u dat courgettebloemen een echte delicatessen zijn? Het proberen waard!

Courgette: andere varianten